Pure Gruwel Puber?
25 juli 2017
Hovenier of Hartenier?
25 juli 2017
Laat alles zien

Delfts blauw en kleine hondjes

Vandaag was ik aan de wandel met onze hond. Het is geen stoer exemplaar.

Een gemiddelde Boomer die iedereen wel heel schattig vindt. Je kent ze wel.

Maar dit exemplaar is in haar eerste levensjaar in een kennel geweest. Goed voor de socialisatie was de tip. Helaas was het een kennel waar ze in de zomervakantie meer gericht waren op de hoeveelheid, dan op de ruimte voor dieren. En dus is het een bang hondje geworden.

Andere honden komen te dichtbij en willen altijd iets van haar. Tenminste dat denkt ze. Dat heeft ze daar namelijk geleerd en onthouden. En de enige manier waarop die dan wel wegblijven is in eerste instantie hard weglopen, was de volgende les. Of keihard blaffen. En als dat allemaal niet meer helpt; simpelweg bijten.

Tijdens het wandelen blijft ze graag aan de lijn. Onze kinderen hebben ontdekt dat ze dat prettiger vindt dan los lopen.

Als er namelijk in de verte een andere hond aankomt, is die van ons het liefst onzichtbaar. Ze gaat achter je lopen of tegen je aan. En de lijn zorgt er ook voor dat ze niet direct rechtsomkeer maakt en hard wegrent, wat we uit ervaring weten. En dat is voor de baasjes fijner. Vaak genoeg konden we terug omdat er een hondje over het pad rende met daarachter een rond klapperende handvat van de lijn. En dan zit er als baasje maar een ding op.

Ook vandaag kwam er in de verte weer een hond met zijn baasje aan. Ze had hem allang gezien en liep met haar staart achter me. Ik irriteerde me wat. ‘Kom op’ maande ik en deed haar aan de lijn. ‘Het is oké.’ Maar ze bleef met haar staart laag achter me.

De jonge pup die van de andere kant naderde, kwam nieuwsgierig dichterbij snuffelen. Die van ons dook in elkaar. De pup was enthousiast, onbesuisd en zich van geen kwaad bewust en denderde weer verder. Dan niet.

En tot mijn verbazing rende onze hond er achteraan. Er was niets gebeurd, dan kon ze wel meerennen! Tot het einde van de lijn. Met een ruk stond ze weer stil na een halve salto.

Tja.

Wat later liepen we op een breder pad. In het midden heeft dit pad een heggetje en opnieuw kwam er een hond aan, maar nu aan de andere kant van de heg. Opnieuw liep ze achter me, en moest ik haar lichtelijk vooruit sleuren. Ik zag allang dat de hond in de verte niet op ons pad liep en irriteerde me nu helemaal. Zelfs op een afstand van 500 meter, aan de andere kant van de heg was er hier al angst!

De hond en zijn baasje kwamen voorbij en er gebeurde helemaal niets. Deze hond was niet eens geïnteresseerd in een andere hond. En dus liep mijn eigen hond weer voorop, met zijn staart omhoog om zich heen turend, terwijl ik me afvroeg voor wiens plezier we nu eigenlijk aan het wandelen waren.

Ik bedacht me ook wat anders, omdat ik het letterlijk zag. Als je op je weg steeds angst hebt voor wat gaat komen is het lastig genieten. ‘Men lijdt het meest door het lijden wat men vreest’ hing vroeger op een Delfts blauw bordje in het toilet van mijn ouderlijk huis. Ik begreep het nooit, maar lijden klonk zwaar genoeg vond ik als kind. Vandaag liet die kleine hond het me letterlijk zien.

Als ze had kunnen zien dat wat langskwam op haar pad ook positief kan uitpakken, had ze gedurende de wandeling veel meer kunnen genieten. Van de zon, de vrijheid, het windje, en de ruimte die ze had. Maar omdat ze gericht was op de buitenwereld vanuit angst en vooral op haar angst richtte, merkte ze niets van dat alles. Teveel bezig met het ‘lijden wat ze vreest’ door een overtuiging die ze ooit had opgedaan in een kennel.

Zo werkt het ook bij mensen.

We maken ons veel overtuigingen eigen, veelal zonder dat je dat zelf weet. Door opvoeding en omgeving. Door opgedane ervaringen.

Als kind of als jonge pup. En als je ze niet soms weer opmerkt, bijstelt of verandert, blijf je je hele ‘wandeling’ op je levenspad van daaruit handelen. Omdat je niemand meer vertrouwt, je het toch niet kan, er alleen maar gedoe van kan komen of omdat je continue op je hoede moet zijn voor wat er komt. Net als onze Boomer.

En natuurlijk kan ik van alles vinden van de kennel, of het toen genomen besluit.

Maar ik kijk liever naar hier en nu en vind het de uitdaging om de overtuiging te herkennen, en daar waar nodig te veranderen.

En dus gaan we elke dag toch even wandelen.

Net zolang tot alle enthousiaste pups en niet geïnteresseerde honden de overtuiging van hard blaffen en bijten veranderen in meedoen en lol hebben.

Oh. En het bordje op de toilet van mijn ouders is ook allang vervangen gelukkig. Daar hangt nu ‘pluk de dag, maar laat nog wat hangen voor morgen’ omdat ook zij verder kijken.